09.08.2011 | Verplicht ondernemen is ook leuk! Over de omslag van ‘gewoon’ naar ‘ondernemend’
In sommige landen ben je ondernemer omdat je anders geen werk hebt. Daar moet je je eigen werk creëren. In Nederland ben je ondernemer omdat je dat wilt. Maar ook hier wordt het ondernemerschap steeds meer een afgedwongen keuze. Door de invoering van marktwerking bijvoorbeeld. Of doordat de overheid eisen stelt aan de financiering van je organisatie. Dan is ondernemen een kwestie van moeten. Met hopelijk ook een beetje willen. Kootsjhuys helpt organisaties die hiermee te maken krijgen graag een stukje op weg.
Steeds meer branches krijgen hiermee te maken. De zorg bijvoorbeeld. Ziekenhuizen en instellingen moeten met elkaar gaan concurreren. Vaste budgetten maken plaats voor beloning naar prestatie. Tel daarbij op dat cliënten en verwijzers steeds kritischer worden. De zorg moet kortom in een heel andere setting heel anders gaan werken. De zorgverzekeraars moeten mee in deze stroom. Vanuit hun verantwoordelijkheid om goede en toegankelijke zorg te regelen moeten zij ook inspelen op deze veranderingen. Of kijk naar het onderwijs: scholen moeten steeds vaker de boer op om genoeg nieuwe leerlingen te krijgen. Want de financiering hangt af van het aantal leerlingen. Maar de leerling-aanwas wordt steeds kleiner in onze vergrijzende samenleving. Wat doe je dan, als school of als universiteit? Je moet je focus verleggen naar het krijgen van ‘klanten’ en op zo’n manier werken dat het voortbestaan van je organisatie gegarandeerd wordt. Je moet kortom ondernemerschap ontwikkelen.
Maar daar is een organisatie niet zomaar op ingesteld en ingericht. Je medewerkers moeten eraan wennen, en in het gunstigste geval willen ze dat ook. Mensen op de werkvloer moeten heel anders gaan leren denken en doen. De professionals die vanuit hun beroep en scholing gewend zijn om vooral inhoudelijk bezig te zijn, krijgen nu te maken met klantgerichtheid en met eisen van de markt. Zij moeten in hun doen en laten de identiteit van de organisatie uitstralen, zij zijn voortaan het visitekaartje. Dit vereist werken aan een nieuwe houding, spelen op een nieuw speelveld, met een nieuwe manier van doen. De top van de organisatie moet ook veranderen: meer dan ooit moet men strategisch denken en beslissen. Bovenal moet de top de werkvloer kunnen meenemen in deze revolutionaire veranderingen.
De kernvragen hierbij zijn: Wie zijn wij? En wat komen wij brengen? Waarom moet de klant juist bij ons zijn? En de antwoorden daarop zullen in alle activiteiten van de organisatie moeten doorklinken. De conducteur die in de trein je kaartje controleert is belangrijk voor het imago en de aantrekkelijkheid van de NS! Als zij chagrijnig is, is de NS een chagrijnig bedrijf. Als de trein vies en rommelig is, is de NS een vies en rommelig bedrijf. Als de treinreiziger geen goede informatie krijgt over vertragingen is de NS een onbetrouwbaar bedrijf. Andersom betekenen een aardige conducteur, een schone trein, vlot verlopen treinreizen en een kopje thee als er iets misgaat dat het bedrijf een stuk betrouwbaarder en aardiger lijkt. Iedere schakel telt mee. Dat geldt ook voor degene die de telefoon opneemt: is die aardig en adequaat, dan kom je als klant prettig binnen bij het bedrijf. Maar als je een hork aan de lijn hebt die je drie keer verkeerd doorverbindt en die dat nog niet eens erg vindt ook, dan heeft je organisatie direct al een kras te pakken.
Vragen rondom de identiteit van de organisatie worden dus belangrijk. Wat is onze toekomst? Wie zijn wij? Ruik, proef, hoor en voel je dat in alles wat wij doen? Zo nee, hoe gaan we dat veranderen? Hoe brengen wij over naar de buitenwereld wie wij zijn en waarom klanten bij ons moeten zijn? Zijn wij klantgericht genoeg? Voor het antwoord op deze vragen doen organisaties er goed aan om hun licht op te steken bij ondernemers die leven bij de gratie van zulke vragen. Af te kijken hoe het werkt. Zien wat het betekent om verantwoordelijk te zijn voor de omzet. Dat je als manager niet langer meer alleen ‘de baas’ bent maar dat je richting moet geven. Dat je de langere termijn in de gaten moet houden, ontwikkelingen van veraf moet zien aankomen. Dat je daarop moet anticiperen, ook als je organisatie en je mensen daar nog niet klaar voor zijn. Dat je dus veel meer een peoplemanager zult moeten worden, om dat afschuwelijke woord maar weer eens te gebruiken. Want je zult je mensen moeten meenemen op weg naar jullie nieuwe resultaten. Degene die de telefoon opneemt is net zo belangrijk als degene die de handtekening zet onder de contracten: alles en iedereen moet de sfeer en de kwaliteit uitademen van wat jullie aan de man willen of moeten brengen. Misschien moet je dus wel iets aan je menselijke vaardigheden gaan doen, want manager zijn betekent niet per definitie dat je ook een leider bent. Kun je goed kijken en luisteren naar je mensen? Zie je waar ze op blokkeren, weet je hoe je ze in beweging krijgt? Ken je jezelf goed genoeg om ook werkelijk begrip voor de ander te kunnen hebben?
Dit vraagt een sterke positionering, een passend business model en een slimme financiële sturing. Maar bovenal vraagt dit natuurlijk om steengoede mensen, die in staat zijn om in huis te halen wat nodig is, want in heel je organisatie moet het vanzelfsprekend worden dat mensen actief op zoek gaan naar nieuwe mogelijkheden en inzichten. In het begin zijn daar soms nieuwelingen voor nodig. Haal die dan naar binnen, ook als dat betekent dat zij beter zijn dan jijzelf.
Een aantal kleine gouden regels van het spel:
- Iedereen doet mee
- Iedereen staat op de plek waar hij of zij het best tot zijn/haar recht komt
- Besef dat elk contact een nieuwe kans kan zijn
- Wil iets!
- Lever nooit in op jouw norm van kwaliteit
- Stel prioriteiten
- Houd de kernboodschap van je dienst of product simpel en laat die voelbaar zijn in alles
- Gebruik alle doorzettingsvermogen die je hebt
- Verkeer in goed gezelschap
Het spreekt voor zich dat Kootsjhuys u en uw organisatie kan helpen om de omslag van een ‘gewone’ organisatie naar een ondernemende organisatie te maken. Een tipje van de sluier hebben wij in dit artikel vast willen oplichten voor u. En bedenk nog dit: ondernemen is als sport. Sporten vereist discipline en inzet. Je weet welk resultaat je wilt bereiken en traint daar hard voor. Dat is een continu proces, want ook een snel resultaat zakt weg als je niet volhardt in je training. En net als sporten een beloning in zich heeft (de voldoening, de endorfine, de fitheid, de medaille) kent ondernemen een beloning: je hebt de omstandigheden zó benut dat je organisatie succes en continuïteit kent.
Andere berichten